Blog Image
Teamontwikkeling

Eigenaarschap in teams, van controle naar vertrouwen.

  • Emil Muller
  • 1 oktober 2024

Je hebt het waarschijnlijk weleens meegemaakt.

Een medewerker loopt je kantoor binnen met een probleem. Je luistert, stelt een paar vragen en voordat je het weet, heb jij de oplossing bedacht. Lekker efficiënt. Probleem opgelost.

Tot dezelfde medewerker een week later opnieuw binnenstaat.

Met het volgende probleem.

Als leidinggevende wil je graag dat medewerkers verantwoordelijkheid nemen, initiatief tonen en zelf keuzes maken. Maar ondertussen ben je misschien onbewust degene die vragen blijft beantwoorden, problemen oplost en beslissingen overneemt.

En precies daar begint het gesprek over eigenaarschap.

Want eigenaarschap ontstaat niet door tegen medewerkers te zeggen dat ze “meer eigenaarschap moeten tonen”. Het groeit wanneer mensen weten waar ze verantwoordelijk voor zijn, de ruimte krijgen om te handelen én ervaren dat ze fouten mogen maken.

Dat vraagt iets van medewerkers. Maar minstens zoveel van leiders.

Eigenaarschap is meer dan verantwoordelijkheid krijgen

Eigenaarschap betekent dat mensen zich niet alleen verantwoordelijk voelen voor hun eigen taak, maar ook voor het gezamenlijke resultaat.

Ze wachten niet af tot iemand zegt wat er moet gebeuren. Ze kijken om zich heen, zien wat nodig is en komen in beweging. Niet omdat de leidinggevende controleert of alles goed gaat, maar omdat ze zich verbonden voelen met het doel van het team.

Je ziet eigenaarschap wanneer medewerkers:

  • zelf initiatief nemen;
  • verantwoordelijkheid pakken voor afspraken;
  • problemen niet alleen signaleren, maar ook oplossingen aandragen;
  • elkaar aanspreken wanneer iets niet goed loopt;
  • beslissingen durven nemen binnen afgesproken kaders;
  • verder kijken dan hun eigen taken;
  • zich verantwoordelijk voelen voor het gezamenlijke resultaat.

Dat betekent niet dat iedereen zomaar kan doen wat hij of zij wil. Juist wanneer doelen, rollen en verwachtingen helder zijn, ontstaat ruimte om zelfstandig te handelen.

Vrijheid zonder duidelijkheid zorgt voor verwarring. Duidelijkheid zonder ruimte zorgt voor afhankelijkheid. Eigenaarschap vraagt om allebei.

“Waarom pakken ze het niet gewoon op?”

In veel organisaties wordt zelfstandigheid verwacht, maar onvoldoende mogelijk gemaakt.

Medewerkers horen dat ze initiatief mogen nemen, maar moeten voor iedere beslissing toch toestemming vragen. Teams krijgen verantwoordelijkheid, maar worden vervolgens tot in detail gecontroleerd. Mensen worden uitgenodigd om ideeën te delen, maar merken dat de leidinggevende uiteindelijk toch bepaalt wat er gebeurt.

Na verloop van tijd ontstaat een begrijpelijke reactie: afwachten.

Misschien herken je een aantal van deze situaties:

  • Problemen worden snel naar boven doorgeschoven.
  • Medewerkers wachten op een besluit van de leidinggevende.
  • Afspraken worden gemaakt, maar niet altijd nagekomen.
  • Mensen hebben ideeën, maar nemen weinig initiatief.
  • Iedereen doet zijn eigen werk, maar niemand bewaakt het geheel.
  • De leidinggevende blijft controleren, omdat loslaten spannend voelt.
  • Bij fouten wordt vooral gezocht naar wie het heeft gedaan.

De gemakkelijkste conclusie is dan: “Mijn medewerkers tonen te weinig eigenaarschap.”

Maar eigenaarschap is nooit alleen een vraagstuk van medewerkers. Het ontstaat in de wisselwerking tussen het team, de leidinggevende en de omgeving waarin mensen werken.

Een leidinggevende die ieder probleem oplost, houdt onbedoeld afhankelijkheid in stand. Een team dat nooit zelf hoeft te kiezen, leert ook niet om beslissingen te nemen. En medewerkers die worden afgerekend op iedere fout, zullen liever toestemming vragen dan initiatief tonen.

Van controle naar vertrouwen

Meer eigenaarschap begint daarom met een andere vraag.

Niet:

“Hoe zorg ik ervoor dat mijn medewerkers doen wat nodig is?”

Maar:

“Hoe creëer ik de omstandigheden waarin mensen zélf verantwoordelijkheid nemen?”

Dat is een wezenlijk andere manier van kijken naar leiderschap.

Het betekent niet dat je alles moet loslaten. Een voetbalteam wordt ook niet sterker wanneer de trainer zegt: “Zoek het vanaf nu maar uit.” Spelers hebben een richting, een speelwijze en duidelijke afspraken nodig. Maar tijdens de wedstrijd moeten zij zelf kijken, kiezen en handelen.

Zo werkt het in organisaties ook.

De leidinggevende bepaalt niet iedere bal, maar zorgt dat mensen weten:

  • welk doel ze samen willen bereiken;
  • wat de spelregels zijn;
  • welke ruimte ze hebben;
  • waarop ze elkaar mogen aanspreken;
  • wanneer afstemming nodig is;
  • wat er gebeurt als iets niet goed gaat.

Binnen die lijnen kan het team spelen.

Hoe zelfstandig moet een team eigenlijk zijn?

Zelfsturing wordt soms gepresenteerd als het hoogste niveau van teamontwikkeling. Alsof ieder team uiteindelijk zonder leidinggevende zou moeten kunnen functioneren.

Maar meer zelfstandigheid is niet automatisch beter.

Een zelfsturend team neemt binnen duidelijke kaders zelfstandig beslissingen. Een zelforganiserend team regelt daarnaast vaak ook de planning, werkzaamheden en onderlinge taakverdeling.

Hoeveel zelfstandigheid passend is, verschilt per team en per organisatie. Het hangt onder andere af van de opdracht, ervaring, onderlinge samenwerking en duidelijkheid van de kaders.

Belangrijker dan het etiket is daarom het gesprek:

  • Waar zijn wij samen verantwoordelijk voor?
  • Welke beslissingen kunnen we zelf nemen?
  • Wanneer betrekken we onze leidinggevende?
  • Wie pakt welke rol?
  • Hoe houden we elkaar op de hoogte?
  • Hoe spreken we elkaar aan?
  • Wat doen we als afspraken niet worden nagekomen?
  • Hoe gaan we om met fouten en tegenvallers?

Een team kan pas verantwoordelijkheid nemen wanneer duidelijk is waar die verantwoordelijkheid begint en eindigt.

Eigenaarschap ontwikkel je niet op papier

Je kunt verantwoordelijkheden opnieuw verdelen. Nieuwe functieprofielen schrijven. Een schema maken waarin precies staat wie waarvan is.

Maar daarmee verandert gedrag nog niet vanzelf.

Eigenaarschap ontstaat in de dagelijkse praktijk. Op het moment dat iemand een beslissing moet nemen. Wanneer een afspraak niet wordt nagekomen. Als het spannend wordt om een collega aan te spreken. Of wanneer een leidinggevende de neiging voelt om tóch weer in te grijpen.

Daarom werken we bij Be Robin vanuit drie herkenbare omgevingen: de Kleedkamer, het Trainingsveld en het Speelveld.

1. De Kleedkamer: zichtbaar maken wat er speelt

In de kleedkamer nemen we afstand van de drukte van de dag.

We kijken samen naar vragen als:

  • Waar nemen mensen al verantwoordelijkheid?
  • Waar wordt afgewacht?
  • Welke problemen komen steeds bij de leidinggevende terecht?
  • Welke afspraken blijven liggen?
  • Welk gedrag houden we samen in stand?
  • Wat zeggen we wel tegen elkaar en wat nog niet?

Hier ontstaat inzicht. Niet om schuldigen aan te wijzen, maar om patronen zichtbaar te maken.

Want zolang een patroon onbesproken blijft, blijft iedereen vaak doen wat hij al deed.

2. Het Trainingsveld: oefenen met ander gedrag

Weten wat er moet veranderen is iets anders dan het ook daadwerkelijk doen.

Op het trainingsveld oefenen medewerkers met initiatief nemen, keuzes maken, feedback geven en elkaar aanspreken. Leidinggevenden oefenen tegelijkertijd met vragen stellen, kaders geven en verantwoordelijkheid laten waar die hoort.

Dat kan soms ongemakkelijk voelen.

Een medewerker moet misschien een beslissing nemen zonder volledige zekerheid. Een leidinggevende moet verdragen dat een ander het op een andere manier doet. Een team moet leren dat een goed gesprek niet altijd een comfortabel gesprek is.

Juist door te oefenen ontstaat vertrouwen. Niet het vertrouwen dat alles altijd goed gaat, maar het vertrouwen dat je samen kunt omgaan met wat er gebeurt.

3. Het Speelveld: toepassen wanneer het ertoe doet

Uiteindelijk moet ontwikkeling zichtbaar worden op het echte speelveld: de dagelijkse praktijk.

Daar wordt duidelijk of medewerkers daadwerkelijk initiatief nemen. Of leidinggevenden ruimte blijven geven wanneer de druk toeneemt. En of het team elkaar aanspreekt wanneer oude gewoontes terugkeren.

Het speelveld levert nieuwe ervaringen op. Die neem je vervolgens weer mee naar de kleedkamer:

  • Wat werkte?
  • Waar vielen we terug?
  • Waar was meer duidelijkheid nodig?
  • Welke verantwoordelijkheid hebben we toch weer overgenomen?
  • Wat willen we de volgende keer anders doen?

Zo ontstaat een doorgaande beweging van inzicht, oefenen, toepassen, reflecteren en bijsturen.

Eigenaarschap is daarmee geen eindpunt. Het is iets wat je als team steeds opnieuw ontwikkelt.

Meer eigenaarschap vraagt om ander leiderschap

Veel leidinggevenden zijn in hun rol terechtgekomen omdat ze snel kunnen schakelen, verantwoordelijkheid nemen en problemen oplossen.

Precies die kwaliteiten kunnen de groei van een team soms in de weg gaan zitten.

Want wanneer jij altijd het antwoord geeft, hoeven anderen minder na te denken. Wanneer jij iedere fout herstelt, hoeft het team minder te leren. En wanneer jij voortdurend controleert, voelen medewerkers minder ruimte om zelf verantwoordelijkheid te nemen.

Ruimte geven betekent niet dat je afwezig wordt. Je rol verandert.

Je geeft richting zonder ieder detail te bepalen.
Je stelt kaders zonder alles dicht te regelen.
Je bent beschikbaar zonder ieder probleem over te nemen.
Je stelt vragen voordat je antwoorden geeft.
Je geeft vertrouwen én spreekt mensen aan op hun verantwoordelijkheid.

Soms is leiderschap naar voren stappen. Soms is het juist bewust een stap terugzetten.

De kunst is weten wanneer wat nodig is.

Vijf vragen die direct meer eigenaarschap kunnen opleveren

De volgende keer dat iemand met een probleem bij je komt, hoef je het antwoord niet direct te geven. Stel eerst eens een andere vraag:

  1. Wat is er volgens jou precies aan de hand?
  2. Wat heb je zelf al geprobeerd?
  3. Welke mogelijkheden zie je?
  4. Wat heb je van mij nodig om een beslissing te kunnen nemen?
  5. Welke stap ga je nu zetten?

Daarmee laat je iemand niet aan zijn lot over. Je helpt diegene om zelf te denken, te kiezen en te handelen.

En ja, dat kost in het begin soms meer tijd dan zelf even zeggen wat er moet gebeuren. Maar steeds opnieuw het probleem overnemen kost uiteindelijk veel meer.

Eigenaarschap begint bij gedrag

Een team wordt niet zelfstandig door het woord eigenaarschap in de kernwaarden op te nemen. Ook niet door simpelweg meer verantwoordelijkheden bij medewerkers neer te leggen.

Het begint bij het dagelijkse gedrag.

Bij een medewerker die niet alleen een probleem meldt, maar ook een voorstel doet. Bij een collega die een afspraak bespreekbaar maakt. Bij een team dat verder kijkt dan losse taken. En bij een leidinggevende die niet meteen het antwoord geeft, maar de verantwoordelijkheid helpt terugleggen waar die hoort.

Dat vraagt om vertrouwen, duidelijke kaders, aanspreekbaarheid en de bereidheid om samen te leren.

Niet één keer tijdens een inspirerende middag, maar steeds opnieuw in de praktijk.

Want uiteindelijk ontstaat eigenaarschap niet door erover te praten.

Het ontstaat wanneer mensen daadwerkelijk het speelveld opstappen.

Werken aan meer eigenaarschap in je team?

Be Robin begeleidt leiders, teams en organisaties bij de beweging van controle naar vertrouwen en van afwachten naar verantwoordelijkheid nemen.

Praktisch, actief en nuchter. Geen standaardprogramma of dikke map die na afloop in de kast verdwijnt. We kijken naar wat er werkelijk speelt, maken gedrag en patronen zichtbaar en oefenen met wat er in jullie praktijk nodig is.

Wil je onderzoeken waar het eigenaarschap in jullie team wordt versterkt of juist wordt tegengehouden? Neem dan contact met ons op. We stappen graag samen de kleedkamer binnen, zodat jullie daarna sterker het speelveld op kunnen.

Veelgestelde vragen over eigenaarschap in teams

Wat is eigenaarschap in een team?

Eigenaarschap betekent dat medewerkers verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen werk én voor het gezamenlijke resultaat. Ze wachten niet alleen op instructies, maar nemen initiatief, maken keuzes en spreken elkaar aan wanneer dat nodig is.

Hoe vergroot je eigenaarschap bij medewerkers?

Begin met duidelijke doelen, verantwoordelijkheden en kaders. Geef medewerkers vervolgens de ruimte om binnen die kaders zelf beslissingen te nemen. Stel vragen in plaats van direct oplossingen te geven en laat verantwoordelijkheid daadwerkelijk liggen bij degene die haar kan dragen.

Waarom nemen medewerkers soms geen eigenaarschap?

Dat kan verschillende oorzaken hebben. Doelen en verantwoordelijkheden kunnen onduidelijk zijn, medewerkers kunnen weinig beslissingsruimte ervaren of gewend zijn geraakt aan een leidinggevende die problemen overneemt. Ook een afrekencultuur kan ervoor zorgen dat mensen risico’s en initiatief vermijden.

Wat is het verschil tussen een zelfsturend en een zelforganiserend team?

Een zelfsturend team neemt binnen afgesproken kaders zelfstandig beslissingen. Een zelforganiserend team organiseert vaak ook de werkzaamheden, planning en onderlinge taakverdeling grotendeels zelf. In de praktijk worden de termen regelmatig door elkaar gebruikt.

Kan een team zelfsturend zijn zonder leidinggevende?

Zelfsturing maakt leiderschap niet overbodig. Ook zelfstandige teams hebben richting, kaders en ondersteuning nodig. De rol van de leidinggevende verschuift vooral van voortdurend aansturen en oplossen naar richting geven, faciliteren, reflecteren en vertrouwen geven.

 

Neem contact met ons op en we kijken samen hoe we jullie hier in kunnen ondersteunen!

 

Be open. Be vulnerable. Be brave. Be Robin.